Corporaties en huurders Rotterdamwillen af van vennootschapsbelasting
De Rotterdamse woningcorporaties en huurdersorganisaties, waaronder Havensteder, roepen het kabinet gezamenlijk op om de vennootschapsbelasting voor woningcorporaties af te schaffen.
In een gezamenlijke brief wordt het Rijk gevraagd het geld dat nu naar belasting gaat beschikbaar te houden voor de volkshuisvesting. Zo kan meer worden geïnvesteerd in woningen, huurders en buurten.
Hard nodig
In Rotterdam wachten tienduizenden woningzoekenden op een passende woning. Tegelijkertijd staan woningcorporaties voor een grote maatschappelijke opgave. Er moeten nieuwe betaalbare woningen worden gebouwd, bestaande woningen worden verbeterd blijvend geïnvesteerd in buurten waar mensen prettig en veilig kunnen wonen.
Daar is veel geld voor nodig. Toch betalen woningcorporaties sinds 2008 vennootschapsbelasting. Dat is een belasting die normaal gesproken wordt geheven over winst, terwijl woningcorporaties maatschappelijke organisaties zonder winstoogmerk zijn. De belasting drukt flink op de financiële ruimte van corporaties. Geld dat we aan belasting betalen, kunnen we niet gebruiken voor onze volkshuisvestelijke opgaven.
Geld van huurders
Daar komt bij dat de inkomsten van woningcorporaties voor een belangrijk deel bestaan uit de huren die bewoners betalen. De Rotterdamse huurdersorganisaties en woningcorporaties vinden het daarom moeilijk te verdedigen dat een deel van dit geld via de vennootschapsbelasting naar het Rijk gaat.
De partijen investeren dat geld liever rechtstreeks in de volkshuisvesting. Bijvoorbeeld in de bouw van nieuwe sociale huurwoningen, het verbeteren en verduurzamen van bestaande woningen, betaalbare huren en leefbare wijken.
Eén boodschap
Daarom hebben de Rotterdamse woningcorporaties en huurdersorganisaties de handen ineengeslagen. Met de gezamenlijke brief vragen we het kabinet en de Tweede Kamer om de vennootschapsbelasting voor woningcorporaties af te schaffen. De wooncrisis vraagt om keuzes. Wat de organisaties betreft is die keuze duidelijk: geef woningcorporaties de financiële ruimte om te investeren in datgene waarvoor we bestaan. Goede en betaalbare woningen voor mensen die daarop zijn aangewezen. De Rotterdamse woningcorporaties en huurdersorganisaties staan daarin zij aan zij.



